RAAD VAN ARBITRAGE ONBEVOEGD OMDAT AANNEMER GEEN REDELIJKE MOGELIJKHEID IS GEBODEN OM VAN DE UAV 2012 KENNIS TE NEMEN
(RvA 8 augustus 2025, nr. 37.964) – DEEL I
Opdrachtgevers kunnen er niet zonder meer vanuit gaan dat aannemers bekend zijn met de UAV 2012.
Inleiding
In een recente uitspraak van de Raad van Arbitrage in Bouwgeschillen (RvA) heeft het scheidsgerecht geoordeeld dat hij onbevoegd is om kennis te nemen van het geschil tussen een opdrachtgever en aannemer. Het scheidsgerecht oordeelde dat de opdrachtgever aan de aannemer niet een redelijke mogelijkheid heeft geboden om van de Uniforme Administratieve Voorwaarden 2012 (UAV 2012) kennis te nemen. De aannemer werd ook niet geacht bekend te zijn met de UAV 2012.
Best een opmerkelijke uitspraak omdat de UAV 2012 standaard voorwaarden in de bouwwereld zijn en de aannemer ook lid was van de branchevereniging BouwGarant. Anderzijds, het ging hier om een eenmanszaak die uitsluitend relatief kleine opdrachten uitvoert voor particulieren en daarbij nooit de UAV 2012 gebruikt.
Hoe dan ook, uit deze uitspraak blijkt dat een opdrachtgever er niet zonder meer vanuit kan gaan dat een aannemer bekend is met de UAV 2012. Terhandstelling van de algemene voorwaarden blijft het uitgangspunt (bijvoorbeeld door de algemene voorwaarden als bijlage op te nemen bij de aannemingsovereenkomst). Zeker bij het sluiten van overeenkomsten met kleine aannemers.
Uitspraak RvA
Opdrachtgever had een aannemingsovereenkomst gesloten met een aannemer voor de verbouwing van zijn woning. Opdrachtgever verweet de aannemer het gevelmetselwerk gebrekkig te hebben uitgevoerd en hij vorderde schadevergoeding bij de RvA. Volgens opdrachtgever waren in het bestek bij de aannemingsovereenkomst de UAV 2012 van toepassing verklaard. Volgens de opdrachtgever was de RvA op grond van paragraaf 49 lid 2 van de UAV 2012 bevoegd om over de vordering tot schadevergoeding te oordelen. Daarom maakte hij het geschil aanhangig bij de RvA en niet bij de Rechtbank.
Aannemer betwistte de bevoegdheid van de RvA. Volgens de aannemer waren de UAV 2012 niet van toepassing verklaard. En voor zover die wel van toepassing zouden zijn beriep de aannemer zich op de vernietiging daarvan omdat aan hem geen redelijke mogelijkheid was geboden om van de UAV 2012 kennis te nemen. Ze zaten niet als bijlage bij de aannemingsovereenkomst en waren kennelijk ook niet toegestuurd.
De aannemer heeft succes. Het scheidsgerecht verklaart zich onbevoegd en de opdrachtgever zal een procedure moeten starten bij de burgerlijke rechter. Of de aannemer beter af is bij de rechtbank dan de RvA is overigens maar de vraag. De RvA beschikt immers over bouwtechnisch deskundige arbiters, terwijl rechters doorgaans niet de expertise hebben om een technisch geschil te beoordelen en er een deskundige moet worden benoemd.
Het scheidsgerecht laat in zijn vonnis in het midden of de UAV 2012 tussen partijen van toepassing zijn. Volgens het scheidsgerecht staat vast dat de UAV 2012 niet voor, tijdens of na het sluiten van de aannemingsovereenkomst ter hand zijn gesteld aan de aannemer. Omdat het Burgerlijk Wetboek (BW) dat wel vereist (6:233 aanhef en onder b BW en 6:234 BW) kon volgens het scheidsgerecht de aannemer met succes de vernietiging van paragraaf 49 lid 2 UAV 2012 inroepen, zodat de RvA niet bevoegd was.
De opdrachtgever stelde dat terhandstelling van de UAV 2012 niet nodig was, omdat de aannemer met de UAV 2012 bekend is of geacht wordt daarmee bekend te zijn. De opdrachtgever verwees hierbij naar het arrest van de Hoge Raad van 1 oktober 1999 (ECLI:NL:HR:1999:ZC2977, Geurtsen/Kampstaal) en een arrest van de het Gerechtshof Den Bosch van 22 juli 2003 (ECLI:NL:GHSHE:2003:AL1831) en een vonnis van de RvA van 17 november 2020 (nr. 36.886). Het scheidsgerecht wijst de stelling van de opdrachtgever van de hand.
In dit geval is volgens het scheidsgerecht geen sprake van het in het arrest van de Hoge Raad behandelde geval dat regelmatig gelijksoortige overeenkomsten tussen partijen worden gesloten, terwijl de algemene voorwaarden bij het sluiten van de eerste overeenkomst aan de wederpartij ter hand zijn gesteld. Ook overigens zijn volgens het scheidsgerecht geen feiten gesteld of gebleken die de conclusie kunnen dragen dat aannemer met de UAV 2012 bekend is of geacht wordt bekend te zijn. Dat de UAV 2012 standaardvoorwaarden zijn binnen de bouwwereld, vastgesteld bij ministeriële beschikking, is onvoldoende, wat ook volgt uit het arrest van het hof Den Bosch.
Het scheidsgerecht overweegt nog dat, anders dan in de genoemde zaak van de RvA uit 2020, sprake is van een aannemer die een eenmanszaak heeft en opdrachten doet voor particulieren in de vorm van kleine projecten, waarbij de UAV 2012 niet van toepassing waren. Het feit dat de aannemer is aangesloten bij Bouwgarant leidt niet automatisch tot bekendheid met de UAV 2012, aldus het scheidsgerecht.
DNR zijn ook algemene voorwaarden
Net als de UAV 2012 zijn ook de adviseursvoorwaarden van de DNR (De Nieuwe Regeling) algemene voorwaarden. De DNR voorwaarden worden veel gebruikt door adviseurs in de bouwwereld zoals architecten en raadgevend ingenieurs. In de praktijk komt het regelmatig voor dat opdrachtgevers en adviseurs een overeenkomst sluiten met toepassing van de DNR, maar die niet als bijlage aan de overeenkomst hechten. Als dan later een geschil ontstaat tussen partijen, is het vaak de opdrachtgever die er belang bij heeft om de vernietiging van (voor hem nadelige) bedingen in de DNR in te roepen. Immers in de DNR wordt de aansprakelijkheid van de adviseur beperkt in hoogte, duur en aard van de schade. Ook dan komen hiervoor genoemde vragen aan de orde: Zijn de DNR ter hand gesteld? Hebben partijen vaker contracten gesloten met toepassing van de DNR? Sluit de opdrachtgever vaker overeenkomsten met toepassing van de DNR?
Ook ten aanzien van de DNR dient bedacht te worden dat het gaat om algemene voorwaarden. Partijen kunnen er niet zonder meer vanuit gaan dat de DNR bekend is bij de andere partij. Terhandstelling van de algemene voorwaarden blijft het uitgangspunt (bijvoorbeeld door de algemene voorwaarden als bijlage op te nemen bij de overeenkomst).
Hoe zit het ook alweer met algemene voorwaarden?
Bovengenoemde uitspraak maakt maar weer eens duidelijk hoe belangrijk het is om zorgvuldig te zijn in het van toepassing verklaren van algemene voorwaarden. In deel II van dit blog zet ik nog eens kort op een rijtje hoe het zit met het van toepassing verklaren van algemene voorwaarden en de mogelijkheden tot vernietiging van overeengekomen algemene voorwaarden.
Heeft u vragen over algemene voorwaarden in de bouw? Neem gerust contact op met onze Bouw & Vastgoed advocaten.




Neem contact op