DJ Garrix vs Spinnin’ records: Welke rechten heeft de producent van muziektracks?

Naast het auteursrecht is er nog een ander belangrijk recht met betrekking tot muziek: de naburige rechten. Dit is een intellectueel eigendomsrecht dat onder meer rust op de opname van een track. De partij die verantwoordelijk is voor die opname, wordt de fonogrammenproducent genoemd. Wie dat precies is werd laatst door de rechtbank uitgelegd in een procedure tussen de Nederlandse dj Martin Garrix en zijn voormalig label en manager.

De procedure

De dj had in 2012 en 2013 productieovereenkomsten gesloten met Spinnin’ Records en in diezelfde jaren managementovereenkomsten met Musicallstars Management (“MAS”). In de procedure betoogde Garrix dat er sprake was van een belangenverstrengeling tussen deze twee ondernemingen. Zo was Garrix er mee akkoord gegaan dat Spinnin’ zich bij de collectieve beheersorganisatie SENA inschreef als fonogrammenproducent en de inkomsten ontving. MAS, die als manager de belangen van de dj hoorde te behartigen, had hem niet gewaarschuwd dat niet Spinnin’ maar Garrix wel eens de rechthebbende kon zijn.

Wie is de fonogrammenproducent?

De producent van fonogrammen is volgens Wet op de Naburige Rechten (WNR) de persoon die een fonogram voor de eerste maal vervaardigt of doet vervaardigen. Volgens deze wet is een fonogram ‘iedere opname van uitsluitend geluiden van een uitvoering of andere geluiden’, zoals bijvoorbeeld een track van een dancenummer.

In de toelichting bij zowel de Europese als de Nederlandse wetgeving is opgemerkt dat er naburige rechten aan de fonogrammenproducent worden toegekend omdat de investeringen voor de productie van fonogrammen hoog kunnen zijn en deze de investering zo veel mogelijk terug kan verdienen. Bij het bepalen van de fonogrammenproducent is dus doorslaggevend wie de financiële verantwoordelijkheid draagt voor de opname.

Garrix of Spinnin’ producent?

In deze procedure had Garrix de tracks gecomponeerd. De basis vormde vaak een door hem bedacht en op zijn gitaar gespeeld melodietje, bepaalde akkoorden of een bepaalde songtekst. Daarna werden instrumenten of geluidseffecten toegevoegd. Die instrumenten werden door Garrix zelf bespeeld en opgenomen en daarna eventueel via plug-ins bewerkt.

Bovendien waren de instrumenten door Garrix gekocht of gehuurd, betaalde hij zelf de kosten van een opnamestudio en droeg hij de kosten voor ingehuurde muzikanten en het masteren van de track.

Spinnin’ voerde aan dat het feedback gaf nadat Garrix een versie had laten horen en dat ze als het nummer eenmaal was goedgekeurd met de exploitatie aan de slag gingen. Spinnin’ sloot bijvoorbeeld contracten met derden die een bijdrage aan het nummer hadden geleverd, maakte een remix voor de radio, voerde promotie voor televisie en radio uit en probeerde het nummer in playlists op internet en spotify te krijgen. Daar werden door Spinnin’ kosten voor gemaakt.

Tips en adviezen niet voldoende

Wie van de twee heeft nu als fonogrammenproducent te gelden? Dat is Garrix volgens de rechtbank. Hij heeft namelijk de eerste vastlegging van zijn nummers verzorgd en de kosten daarvoor gedragen. Spinnin’ had met dat opnameproces geen bemoeienis. Ook droeg Garrix het financiële risico. Als het nummer geen succes werd, of als Spinnin’ besloot om de track niet uit te geven, bleef Garrix met de kosten zitten.

De tips en adviezen van Spinnin’ hebben mogelijk bijgedragen aan het creatieve proces en het ontstaan van de definitieve compositie van het nummer, maar dit betreft volgens de rechtbank niet de daadwerkelijke vastlegging of opname van de geluiden waarop de WNR ziet.

In het verdere verloop van de procedure moet worden bekeken wat er gebeurt met de gelden die al die jaren door SENA aan Spinnin’ zijn uitbetaald, terwijl Garrix de rechthebbende was.

Meer informatie?

Net als bij het auteursrecht kan het ook bij de naburige rechten lonen om te beoordelen wie er als rechthebbende bij de collectieve beheersorganisatie wordt aangemeld. Meer over weten? Neem dan contact op met onze advocaten gespecialiseerd in muziekrecht Evert van Gelderen en Elise Menkhorst.